De Noordse Combinatie bestaat uit twee onderdelen: 1. schansspringen en 2. langlaufen en wordt alleen door de mannen beoefend.
Er zijn drie onderdelen:
1. Individueel springen + 15 km langlaufen
2. Individueel springen + 7.5 km langlaufen
3. Team springen + 4 x 5 km estafette langlaufen
Het skispringen wordt eerst gedaan daarna het langlaufen.
Het skispringen wordt uitgevoerd en beoordeeld als bij het gewone springen. De atleet voert 1 of 2 sprongen uit en krijgt punten voor afstand, techniek en stijl. De atleet met de meeste punten start eerst. Daarna de op een na beste enzovoorts. Het puntenverschil is hierbij omgezet in een tijdsverschil. Elke 15 punten is een minuut startverschil. De winnaar is diegene die als eerste over de finish komt.
Opdrachten
1. Zoek in je woordenboek de betekenissen van de volgende woorden op:
atleet
individueel
>
2. Beantwoord hier de vragen over de inhoud van deze webpagina.
3. Speel hier het Ski-jumpingspel.